Volgens Stefano Mancuso is de plantenwereld in onze cultuur van oudsher sterk ondergewaardeerd en daarmee ook het onderzoek naar waarnemingsvermogen, communicatie en intelligentie bij planten.
Mancuso, hoogleraar aan de Universiteit van Florence, houdt daarom in “Briljant Groen” een gloedvol betoog over de onvermoede genialiteit van planten. Het is een gedreven verantwoording van een controversieel onderzoeksgebied waarop hij zich de laatste jaren met veel toewijding heeft gestort samen met een groeiende groep vakgenoten over de hele wereld: de neurobiologie van planten.
Van de meer dan tweehonderd wetenschappelijke publicaties die aan dit betoog ten grondslag liggen, zijn er maar enkele vermeld achterin het boek: het zijn de resultaten van talrijke experimenten die hij en zijn vakgenoten de laatste tien jaar hebben uitgevoerd aan met name de microscopisch kleine worteltoppen van zandraket, mais en tomaat. Opmerkelijk is dat deze auteur verder kijkt dan zijn metingen aan elektromagnetische velden en de chemische analyses. Voor hem vormen deze een aansporing om de gangbaar wetenschappelijke kaders te verruimen op een manier die recht doet aan het wezen van de plant. Hij beschouwt planten van een fundamenteel andere, maar zeker niet lagere orde dan mensen of dieren. Zo vergelijkt hij de organisatie van een plant graag met die van een bijenvolk: meer dan de som der delen.
Mancuso introduceert hier de wortel-breintheorie: de opvatting dat het zenuw-zintuigstelsel van de plant zich onder de grond bevindt en wel geconcentreerd in de talloze worteltopjes. Een verwijzing naar de landbouwcursus zou hier niet misstaan. In plaats daarvan verwijst Mancuso naar een miskend en tot voor kort vergeten werk van Charles Darwin en zijn zoon Francis uit 1880. Daarin kennen zij op grond van experimenten besluitvormende eigenschappen toe aan de worteltoppen. Dit is precies wat recent onderzoek van Mancuso en de zijnen bevestigt.
Met name bij zoiets als intelligentie zijn we geneigd om ons eigen brein(volume) als maatstaf te nemen. Daar moeten we vanaf. Als we intelligentie definiëren als het vermogen om problemen op te lossen, dan is dat bij veel plantensoorten verrassend hoog. Ze kunnen de problemen niet ontvluchten, zoals dieren dat doen… Een van de oplossingen waarmee planten hun belagers overleven is dat ze hun vitale functies juist niet concentreren in organen als hersenen, hart en longen. Dit maakt dat ze als plant in leven blijven en zelfs kunnen herstellen als een groot deel is weggegeten. Het begrip individu (letterlijk: ondeelbaar) is bij planten nauwelijks van toepassing: de informatie die planten over hun omgeving verzamelen is verspreid over duizenden worteltopjes en is niet beperkt tot de eigen plant. De verwerking en communicatie daarvan binnen en buiten het wortelstelsel vergelijkt Mancuso met een computernetwerk: een levend internet. Hij ziet hier een parallel met sociale organisaties bij insecten en bijvoorbeeld met de manier waarop vogels in een zwerm rekening houden met elkaar.
Mancuso schetst een aantal toepassingsmogelijkheden van zijn onderzoek, zoals het inzetten van planten als meetinstrument voor bodem en luchtverontreiniging: door hem het greenternet genoemd. Concrete aanwijzingen voor de landbouwpraktijk blijven beperkt tot het terugkruisen van oude maisrassen om de oorspronkelijke plaagresistentie tegen de maiswortelkever te behouden. Ook doet Mancuso een voor de hand liggend – maar minder realistisch – onderzoeksvoorstel om de geniale samenwerking van de vlinderbloemigen met stikstofbindende wortelknolbacteriën uit te breiden naar andere landbouwgewassen.
Uitzonderlijk aan dit boek is echter de gedurfde kijk buiten de beperkte natuurwetenschappelijke kaders. Dit geeft op een aantal punten handen en voeten aan begrippen als vormkrachten, vruchtbare aarde en bedrijfsindividualiteit.
Verschenen in Dynamisch Perspectief van oktober 2017