Plantaardige provocatie van Wouter Oudemans

Een filosoof is ook maar een plant: een provocerend boek over wat wij natuur noemen. “Ons denken is plantaardiger  dan ons lief is”, stelt de Leidse filosoof Wouter Oudemans in zijn uitnodigend geïllustreerde boek “Plantaardig:  vegetatieve filosofie”. 

Het is een enthousiast betoog over hoe wij mensen en zelfs ons denken, gehoorzaamt aan dezelfde natuurwetten en dezelfde “struggle for life”, als een boom of een grasspriet. Tegelijkertijd voelt het als een scherpe kritiek op hoe wij allemaal – niet alleen filosofen – geneigd zijn onszelf boven of in ieder geval buiten de natuur te plaatsen. Filosofen – van Descartes tot Kant – noemen dat het dualisme tussen mens en natuur. Oudemans, die dit alles uitvoerig documenteert, weet intussen beter: in “Plantaardig” beschrijft hij de consequentie van Darwins evolutietheorie voor de filosofie. Niet voor niets heeft Oudemans daarvoor de medewerking ingeroepen van Darwinkenner Norbert Peeters.

Zo confronteert hij de lezer ermee hoe Darwins “Origin of species” doorwerkt in de onlosmakelijke relatie van ieder van ons met zijn levende omgeving, die we gemakshalve ‘natuur’ noemen, maar waar wij als gelijkwaardige partner deel van uitmaken. Dit inzicht zou tot een meer respectvolle houding naar de planten- en dierenwereld moeten leiden. Niet alleen filosofen, maar ook biologen en anderen die zich beroepsmatig met deze natuur bezighouden zouden beter moeten weten. Ook zij denken veel te gemakkelijk dat ze de natuur naar hun hand kunnen zetten. Zo veroordeelt Oudemans het natuurbeleid van Staatsbosbeheer als “botanisch racisme”. De mens stelt zich hier op als beheerder van het bos, bepaalt welke boom daar wel of niet mag groeien en wat de exoten zijn die uit het bos geweerd moeten worden in het voordeel van de inheemse soorten. 

Na zijn afscheid bij de Leidse Universiteit is professor Oudemans verhuisd naar het hoge Noorden, waar hij in het Oost-Groningse Wedde een eigen bomentuin heeft aangeplant. Trots beschrijft hij hoe hij  daar voorrang geeft aan exoten, zoals de varianten van de ooit door zijn betovergrootvader in ons land geïntroduceerde Douglasspar. Hij noemt zijn tuin zelfs een “botanisch asielzoekerscentrum”: een stil protest tegen het eerder genoemde racisme. Is dit een prijzenswaardig voorbeeld van “practice what you preach”? Meer dan dat, weerspiegelt dit inmiddels tot dinopark uitgegroeide landgoed zijn eigen – in dit boek beschreven – “struggle for life”, begonnen op het landgoed van zijn voorouders. Een armzalige variant van de Douglasspar die op zijn landgoed is te vinden, is zelfs naar zijn voorvaderen genoemd: de Douglas ‘Oudemansii’.

Dit maakt het boek tot een persoonlijk levensverhaal, warm aanbevolen voor kritische natuurliefhebbers, van biologen tot bomenknuffelaars en voor iedereen die zich verbonden voelt met de natuur en beseft dat de mens daarin een bescheiden plaats inneemt.

Mei 2016, Pieter Geluk (verschenen in Paradijsvogels magazine van juli 2016).

zie ook: landgoedtenaxx.nl